Vier ogen principe


Veiligheid voor alles: Zorgen voor vier ogen, vier oren en transparantie

Vanaf 1 Juli 2013 is het “vierogenprincipe” verplicht gesteld voor de dagopvang. Het vierogenprincipe houdt in dat altijd een volwassene moet kunnen meekijken of meeluisteren met een beroepskracht. Een beroepskracht mag nog steeds alleen op de groep staan, zolang maar op elk moment een andere volwassene de mogelijkheid heeft om mee te kijken of luisteren. De oudercommissie heeft hierin adviesrecht. En de GGD controleert hier ook op.

De situatie op de locaties van Second Home Kinderopvang Naast praktische oplossingen om meekijken en meeluisteren mogelijk te maken vindt Second Home Kinderopvang vooral ook ‘de gedachten achter’ het principe van belang. We moeten werken aan een professioneel en open werkklimaat. Het is belangrijk om met elkaar te overleggen, elkaar te coachen en feedback te geven. Zo verval je minder snel in je eigen patroon. Regels kunnen helpen, maar het gedrag eromheen telt minstens zo zwaar. Eerlijkheid tussen medewerkers en ouders is belangrijk.

Jaarlijks wordt er bij Second Home Kinderopvang dan ook veel aandacht geschonken aan een beroepshouding en aan de beroepscode van de kinderopvang. In verschillende overlegvormen; zoals teamoverleg of functioneringsgesprekken komt dit ter sprake. Het gaat daarbij om ‘open’ samen te werken met collega’s. Spreek je collega’s aan op ongewenst gedrag. Meld het direct bij je collega of bij het management / directie wanneer je denkt dat er iets niet klopt. Bij Second Home Kinderopvang streven wij ernaar om 2 pedagogisch medewerkers in de groep te hebben, maar als er niet genoeg kinderen zijn dan kunnen we van dit streven afwijken. Wettelijk mag je bij halve groepen alleen op de groep.

De wettelijke bepaling over de beroepskracht-kind-ratio is:
a. één beroepskracht per vier kinderen in de leeftijd tot één jaar;
b. één beroepskracht per vijf kinderen in de leeftijd van één tot twee jaar;
c. één beroepskracht per zes kinderen in de leeftijd van twee tot drie jaar;
d. één beroepskracht per acht kinderen in de leeftijd van drie tot vier jaar.


Verder is het Conform het “convenant kwaliteit” toegestaan per dag gedurende maximaal drie uur af te wijken van de beroepskracht-kind-ratio. Dit mag op de volgende tijden:

  • Voor 9.30 uur
  • Tussen 12.30 en 15.00 uur
  • Na 16.30 uur
Bovenstaande momenten zijn aandachtpunten bij de uitwerking van het vier-ogen-principe.

Second Home Kinderopvang heeft het vier-ogen-principe voor kinderen tussen 0 en 4 jaar als volgt uitgewerkt. Aan de oudercommissies is hierbij om advies gevraagd:

    De situatie bij Second Home Kinderopvang
  • Er wordt gestreefd naar meer dan één pedagogisch medewerker en één stagiair aanwezig op de groep.
  • Pedagogisch medewerkers gaan altijd met z'n tweeën (of meer) op stap met de kinderen.
  • Pedagogisch medewerkers lopen regelmatig onaangekondigd elkaars groepsruimtes binnen.
  • De leidinggevenden komen regelmatig binnen in de groepsruimtes. Vooral op de momenten waarop Pm-ers alleen op de groep staan, zoals tijdens openen/ sluiten en pauzemomenten. Zij zorgen ervoor dat hun bezoek geen vast patroon aanneemt.
  • Er zijn altijd audiovisuele middelen, zoals een babyfoon, in de slaapkamers.
  • Deze audiovisuele middelen gebruiken wij ook op het moment dat er maar 1 Pm-er aanwezig is op de groep bv tijdens pauze of door een laag kind-aantal. De babyfoon zal dan geplaatst worden op een andere groep.
  • Van binnenuit zijn de buitenspeelterreinen overzichtelijk en houdt degenen die binnen zijn mede toezicht op het buitenspelen.
  • De flexibele inzet van stagiaires en een groepshulp vergroot deze aanwezigheid van ogen en oren.
  • Tijdens haal en brengmomenten komen er voortdurend ouders binnen om hun kinderen te halen en overdracht te doen. De pedagogisch medewerker heeft zeer zeker niet de kans, zich alleen af te zonderen met een of meerdere kinderen.
  • Wanneer het een-na-laatste kind is opgehaald, sluit de PM-er met het laatste kind aan bij een andere groep.


Het vierogenprincipe is opgenomen in onze jaarlijkse Risico- en Veiligheids Inventarisatie en Evaluatie. Hierdoor wordt het vierogenprincipe jaarlijks geëvalueerd en onder de aandacht gebracht.